Na de bevalling met je baby naar de osteopaat.

Tijdens de bevalling oefenen de contracties van de baarmoeder constant druk uit op het geboortekanaal zodat aan het hoofd en aan de nek van de baby veel draai- en buigbewegingen worden gevraagd. Dit geeft veel druk en vervorming op de schedel en op de halswervels. Vaak lossen deze spanningen vanzelf op door de eerste schreigeluiden en het zuigen. Soms verdwijnen deze afwijkingen echter niet helemaal, zeker na een langdurige of moeizame bevalling (zuignap, keizersnede). Daarom is het raadzaam om de baby kort na de geboorte te laten observeren door een osteopaat.

Abnormale spanningen op de schedel of de wervelkolom zorgen ervoor dat een baby niet graag op de rug ligt, vaak huilt of zich overstrekt bij het aankleden. Daarnaast kan het de oorzaak zijn van afgeplatte of vervormde hoofdjes, slecht zuigen, slecht slikken, reflux en spugen en problemen bij voeden of slapen.

Osteopathie bij baby’s en kinderen maakt gebruik van heel zachte technieken om opgebouwde spanningen op te lossen. De osteopaat gebruikt die manuele technieken om de druk op de schedel, op het bekken en op de gehele wervelkolom te laten verdwijnen. Dit kan in gemiddeld 2 tot 4 behandelingen. Baby’s reageren meestal heel snel en hebben weinig last van een behandeling.