Lopen/leven en rompstabiliteit

Voorwaarde voor een goede looptechniek is een stevige romp. Als testje kunt u kijken of u de hier onder afgebeelde oefening 30 seconden kunt volhouden, met extra: linker- of rechterarm en rechter- of linkerbeen gestrekt. Voor niet hardlopers: met beiden ellebogen en voeten aan de grond en dit 30 seconden kunnen volhouden. Lopers en-of mensen met een gebrekkige rompstabiliteit die dit niet kunnen volhouden zijn veel blessure gevoeliger omdat hun bewegingsuitslagen van de gewrichten te groot en te ongecontroleerd zijn. Dit is in hun loopstijl terug te zien, ook met wandelen.

  • Knie zwaaibeen lager dan knie standbeen
  • Heupwiegende loopstijl
  • Naar links of rechts hellend bovenlijf
  • Arm(en) ver van het lichaam

Klachten die kunnen ontstaan zijn:

  • Lage rugklachten
  • Zere heup
  • Zere knie
  • Zere Achillespees

Vele spieren zijn verantwoordelijk voor de stabiliteit vanuit onze romp. Niet alleen de welbekende buikspieren, maar veel belangrijker de vrijwel onbekende diepe lagen in de rug en M. Abdominus Transversus (zie foto onderaan de pagina).

Een stabiele romp helpt bij het overbrengen van krachten van het ene lichaamsdeel naar het andere, waardoor het lichaam vooruitkomt. Stabiliteit is een voorwaarde om te bewegen. Alleen wanneer de romp optimaal functioneert, kunnen spieren elders in het lichaam ook optimaal functioneren. Behalve een natuurlijke looptechniek is rompstabiliteitstraining dus belangrijk voor sporters en niet sporters. Als de rompspieren de kracht van je afzet niet kunnen verwerken, wordt de romp letterlijk vervormd.

Door consequent oefeningen te doen waarmee je de controle en balansbeheersing over je rug, bekken, heup, knie en enkel traint ben je minder vatbaar voor blessures. Uit onderzoek is zelfs gebleken dat dit leidt tot 30% minder blessures! En ook tot minder rugklachten.

Rompstabiliteit c.q. “core stability” is hier een onderdeel van en zeker de laatste tijd een veelbesproken item onder hardlopers. Maar wat houdt rompstabiliteit in, hoe werkt het en waarom is het blessure preventief?

Stabiliteit als voorwaarde om te bewegen

Rompstabiliteit is de spierbalans en controle in het gebied van bekken, heupen en romp, die de functionele stabiliteit van het gehele lichaam in stand houdt. Verder is het zo dat rompstabiliteit de mogelijkheid biedt om de spieren in de romp te stabiliseren tijdens houdingen (statisch) en bewegingen (dynamisch) van zowel de romp als de armen en benen.

Stabiliteit van de romp is daarmee een voorwaarde voor elke sporter en niet sporter om het lichaam goed te laten functioneren. Want alleen indien je romp naar behoren functioneert kunnen andere lichaamsdelen dat ook. De kracht en de coördinatie van de rompspieren is daarom van groot belang voor sportprestaties en voor de ontwikkeling van kracht.

Welke spieren zorgen voor rompstabiliteit

De spieren van de romp, het spierkorset, worden vaak omschreven als een cilinder of een doos. De buikspieren vormen de voor- en zijwand, de rug- en bilspieren vormen de achterwand, het middenrif is de deksel en de bekkenbodem (ondersteund door de spieren rond de heupgordel) de bodem. Als we de spieren als één geheel gaan bekijken dan kunnen we onderscheid maken tussen de spieren die mobiliseren en de spieren die stabiliseren.

Mobiliserende spieren bestaan hoofdzakelijk uit snelle spiervezels en hebben als doel kracht en snelheid te leveren om een bepaald lichaamsdeel in beweging te zetten. Voorbeelden hiervan zijn onder andere de biceps, triceps, hamstrings en quadriceps. Als deze spieren zich aanspannen kan een zichtbare beweging gemaakt worden zoals het buigen of strekken van een arm of been.

Bij rompstabiliteitstraining zijn 3 fasen te onderscheiden:

  • Fase 1 – M. Transversus (zie foto rechts) en Spieren wervelkolom (zie foto links).
  • Fase 2 – Toevoegen oppervlakkige rompspieren (zoals lange rugspieren, bilspieren, rechte en schuine buikspieren, abductoren).
  • Fase 3 – Functioneel trainen, d.w.z. met loopscholing voor hardlopers en andere vormen voor andere sporten.